VERSCHILLENDE GAVEN MAAR SLECHTS EEN GEEST

 

Eerste brief van Paulus aan de Korinthiërs.

 

De charismata of geestesgaven waarvan Paulus spreekt in zijn Korinthiërsbrief en die ook nu nog de christengemeenschap bezielen manifesteren de aanwezigheid van Christus en zijn Geest in de gemeenschap, opdat wij tot bekering komen en de aanwezigheid van Christus en Zijn Geest van binnen in ons opnemen, door ons te onderwerpen aan de activiteit van de Heilige Geest.

 

Charismata moeten we onderscheiden van de natuurlijke gaven, zoals goed kunnen zingen. Deze natuurlijke gaven worden ons door God geschonken, ze zijn eigen aan ons en we kunnen er ons altijd van bedienen als we dat wensen.


Charismata moeten ook onderscheiden worden van het dienstwerk of het ministerie. Dit wordt geschonken door Christus zelf. Enkele ministeries die we in de eerste Kerk terugvinden zijn o.a. apostel, herder, evangelist…


Doorheen het ministerie oefent Jezus zijn heerschappij uit, bouwt Hij de gemeenschap op tot Zijn Lichaam.

 

We kunnen ons de vraag stellen wat charismata dan wel zijn?


Het zijn de gaven die de Heilige Geest uitdeelt in de gemeenschap, zoals Hij het zelf wil, als dienst en tot opbouw van de levende gemeenschap.
Het zijn tekens die de levende Heer Jezus altijd aanwezig stellen in de gemeenschap, om het geloof te versterken, om de gemeenschap te sterken opdat deze met kracht getuigenis zou kunnen afleggen van het evangelie.


In wat volgt worden de charismata verduidelijkt, maar vooraf is het belangrijk te stellen dat de allereerste en belangrijkste gave van Godswege, de liefde is. Deze alleen doet ons waarlijk leven volgens Gods wil. Het is eerst en vooral de liefde die we moeten nastreven en daarnaar leven elke dag opnieuw.

 

  1. Het bidden in talen:


  2. Volgens Paulus bouwt het bidden in tongen of talen de spirituele mens op. Wie dit charisma ontvangen heeft en het ook beleeft, groeit in het spirituele leven.
    Het is geen gemeenschappelijk murmelen, maar een persoonlijke zaak die zich afspeelt in het hart. Als het in de gemeenschap opduikt staat het enkel in functie van een boodschap die aan de gemeenschap gegeven wordt door het charisma van de vertolking.
    Bidden in talen betekent niet dat men een taal spreekt die men niet geleerd heeft, maar dat men wordt zoals een kind, spreekt met het hart en niet met de rede. Het gebed in talen welt op van het hart onder invloed van de Geest. Het is een toestand van totale overgave van zichzelf aan het werk van de Geest. Een dergelijk persoon straalt Gods glorie uit.
  3. Het Charisma van vertolking (interpretatie):


  4. Iemand die door een gebed in talen op het niveau van het hart gebracht werd, kan in zich de drang voelen opkomen om aan de gemeenschap een woord van Godswege te vertolken, zonder dat men goed weet wat men zeggen zal en hoe men het onder woorden zal brengen. Hier past een houding van vertrouwen. Ik moet mijn eigen redeneringen het zwijgen opleggen om datgene dat in mij opkomt, te beluisteren. Het gaat om woorden die gericht worden tot het hart. Menmoet niet luisteren met een kritische geest, maar met het hart.
  5. Het Charisma van het woord van wijsheid:


  6. Het gaat hier niet om een menselijke wijsheid, maar om de wijsheid van Gods koninkrijk. Deze wijsheid brengt een eenheid tussen het mysterie van Jezus’ dood en zijn verrijzenis, van lijden en vreugde. Het woord van wijsheid, zoals Jezus er veel gesproken heeft, verandert duisternis in licht, dood in leven, het herstelt de innerlijke eenheid van de persoon.
  7. Het Charisma van de Profetie:


  8. Een profetisch woord heeft de kracht om te verwezenlijken wat het zegt. Het raakt ons hart en het confronteert ons met de waarheid van God over ons leven. Het deelt ons iets mee omtrent wat God met ons voorheeft en ooit eens in ons zal realiseren.
    De profetie zet ons aan tot bekering indien nodig, of bevestigt ons, indien we reeds leven volgens Gods wil.
  9. Het Charisma van het Woord van Kennis:


  10. Het gaat niet om een theologisch kennen. Het is ook niet weten en aan iemand onthullen wat hij/zij in het verleden gedaan heeft. Een woord van kennis toont waar het Rijk Gods aan het doorbreken is, doorheen een menselijke situatie. Het toont hoe en waar God aan het handelen is.
  11. Het Charisma van genezing:


  12. Dit charisma moet duidelijk onderscheiden worden van de natuurlijke gave van genezing. Een persoon die deze gave bezit kan altijd en overal zieken genezen, wanneer hij dat wil, maar het is beperkt en precies. Men geneest een ziekte en geen andere.
    Het charisma van de genezing betekent dat de persoon die door de Geest gedreven wordt, in naam van de Heer, een genezing verricht om de glorie van de levende Heer onder ons te manifesteren. Doorheen het charisma werkt de kracht van Jezus over het lichaam. De zieke wordt altijd genezen. De genezing van de zieken is bij uitstek het teken van het komend Rijk.
  13. Het Charisma om wonderen te doen:


  14. Een wonder is niet een uitzonderlijk of abnormaal iets. Het gaat om een onmogelijk, een onverwacht feit. Men erkent dat God tussenbeide gekomen is.
  15. Het Charisma van het Geloof:


  16. Geloof betekent vertrouwen. Dit is noodzakelijk om Jezus als heil te ervaren in ons leven.
    Het charisma ven het geloof betekent dat men gedreven door de Geest, in Jezus’ naam aan God iets onmogelijks vraagt en dat men ervan overtuigd is dat men het gekregen heeft en God daarvoor dankt.
  17. Het Charisma van het onderscheiden van geesten:


  18. Het is een waarschuwing van de Geest om ons niet te laten misleiden. Het gaat enkel en alleen om een dienst aan de gemeenschap.
    Onder ons laten wij dikwijls bepaalde houdingen, bepaalde wijzen van zien en oordelen zich ontwikkelen die tegengesteld zijn aan de geest van Jezus. Enkel een echt onderscheid van geesten kan ons terug in de waarheid brengen.