2014-01-24 Naastenliefde is de ziel van de functie van Kerkelijk rechter

 

Audiëntie voor de leden van de Rota, de Kerkelijke Rechtbank


Rome (ZENIT.org)

Volgens paus Franciscus is liefde “de ziel van de functie van Kerkelijk rechter”: dit ambt is namelijk “een bijzondere dienst aan God die Liefde is”, waar de rechter “wezenlijk herder” is.
Paus Franciscus heeft de leden van de Kerkelijke Rechtbank ontvangen – meer bepaald het Hof van Beroep voor de ongeldig verklaring van huwelijken -, ter gelegenheid van het Rechterlijk Jaar dat in Vaticaanstad op 24 januari 2014 begint.
Hij benadrukte dat hun functie “een dienst aan het volk van God” is en nodigde hen uit “zich in te leven in de mentaliteit en legitieme verzuchtingen van de gemeenschap waar deze dienst verleend wordt” teneinde “zich niet tevreden te stellen met een oppervlakkige kennis van zaken” of met een “legalistische en abstracte rechtspraak” maar “zich in te leven in de situatie van de betrokken partijen”.

 

Beste auditoren, ambtenaren en medewerkers van de apostolische Rechtbank van de Romeinse Rota,

Ik ontmoet u voor het eerst ter gelegenheid van het begin van het rechterlijk jaar. Ik begroet van harte het college van auditoren, te beginnen met de Deken, Mgr. Pio Vito Pinto, die ik dank voor de woorden die hij in naam van de aanwezigen tot mij richtte. Ik begroet ook de ambtenaren, advocaten en andere medewerkers evenals de leden van het Bureau van de Rota. Deze ontmoeting biedt mij de gelegenheid u te danken voor uw kostbare dienst aan de Kerk. Mijn erkenning gaat in het bijzonder uit naar u, rechters van de Rota, die geroepen bent om uw delicate arbeid in naam en als mandaat van de opvolger van Petrus te vervullen.

De juridische en de pastorale dimensie van het Kerkelijk ambt zijn niet met elkaar in tegenstelling want beide dragen bij tot de verwezenlijking van de doeleinden en eenheid van de werkzaamheden die eigen zijn aan de Kerk. De juridische activiteit binnen de Kerk, die een dienst is aan de waarheid in gerechtigheid, heeft inderdaad een diepgaande pastorale connotatie, omdat zij het welzijn van de gelovigen beoogt en de opbouw van de christengemeenschap. Deze activiteit is een bijzondere ontplooiing van de bestuursmacht, gericht op de spirituele zorg voor het volk Gods, en is bijgevolg helemaal geïntegreerd in de weg en zending van de Kerk. Daaruit volgt dat de rechterlijke dienst een ware diakonie is, dat wil zeggen een dienst aan het volk Gods met het oog op het versterken van heel de gemeenschap van individuele gelovigen en van de gemeenschap tussen hen en de Kerkelijke juridische equipe. Bovendien levert u, dierbare rechters, een competente bijdrage om het hoofd te bieden aan pastorale thematieken die door uw specifiek ambt aan de dag treden.

Ik zou nu een kort profiel willen schetsen van een Kerkelijk rechter. Vooreerst het menselijk profiel: van een rechter wordt menselijke rijpheid gevraagd die tot uiting komt in een sereen oordeel en in het afstand nemen van zijn persoonlijke ideeën. De bekwaamheid om zich in te leven in de mentaliteit en legitieme verzuchtingen van de gemeenschap waar de dienst verleend wordt, behoort tot die menselijke rijpheid. Zo wordt hij de tolk van deze “animus communitatis”, eigen aan dat deel van het volk Gods waarvoor zijn werk bestemd is en zal hij een rechtspraak kunnen doen die niet legalistisch noch abstract is, maar aangepast aan de vereisten van de concrete werkelijkheid. Bijgevolg zal hij zich niet tevreden stellen met oppervlakkige kennis van de levensomstandigheden van de personen die zijn oordeel verwachten, maar zal hij de noodzaak aanvoelen om door te dringen tot de situatie van de betrokken partijen, door alle daden en elementen te bestuderen die nuttig zijn voor het vellen van een juist oordeel.

Het tweede aspect is juridisch. Naast de vereiste juridische en theologische doctrine voor de uitoefening van zijn ambt, kenmerkt de rechter zich door deskundigheid inzake recht, door een objectief oordeel en billijkheid, door een onwankelbaar en onpartijdig evenwicht bij de beoordeling. Hij wordt in zijn activiteit daarenboven geleid door de bedoeling de waarheid te verdedigen, met eerbied voor de wet, met fijngevoeligheid en menselijkheid eigen aan zielenherders.

Het derde aspect is het pastorale. Als uitdrukking van de pastorale toewijding van paus en bisschoppen, wordt van een rechter niet alleen beproefde ervaring gevraagd maar ook een oprechte geest van dienstbaarheid. Hij is bedienaar van de rechtvaardigheid, geroepen om rekening te houden met de situatie van de gelovigen die zich in vertrouwen tot hem wenden, zo de Goede Herder navolgend die zorg draagt voor het gewonde schaap. Daarom is hij bezield met pastorale liefde; de liefde die God in ons hart heeft uitgestort door de “Geest die ons werd geschonken” (Rom. 5,5). Liefde – schrijft de heilige Paulus – is “de band der volmaaktheid” (Kol. 3,14) en de ziel van de functie van een Kerkelijk rechter.

Dierbare rechters en professionele medewerkers van de Rechtbank van de Romeinse Rota, wanneer uw ambt beleefd wordt in de vreugde en sereniteit die voortvloeien uit het feit te werken waar de Heer ons geplaatst heeft, is het een bijzondere dienst aan God die Liefde is, die iedere mens nabij is. U bent wezenlijk herders. Vergeet bij uw juridische werk niet dat u herders bent! Achter elke praktijk, elke positie, elke zaak, staan mensen die gerechtigheid verwachten.

Dierbare broeders, ik dank u en moedig u aan uw taak met zorg en zachtmoedigheid uit te oefenen. Bid voor mij! Moge de Heer u zegenen en de Maagd Maria u beschermen.

 

Vert. Maranatha-gemeenschap