2014-01-14 (di 1 dhj): Evangelische transparantie

 

Geen legalisme, noch lauwheid, noch corruptie, een christen moet één enkel model volgen: “evangelische transparantie”. Volgens de paus laten de lezingen van deze dag vier soorten gelovigen zien: Jezus, de schriftgeleerden, de priester Eli en zijn twee zonen.

 

De schriftgeleerden “onderrichten, preken, maar binden de mensen door hun talloze lasten op de schouders te leggen zodat die arme mensen niet vooruit konden”. De houding van de schriftgeleerden en farizeeën is die van mensen die niets in beweging brengen, “zelfs geen vinger” en “anderen” daarentegen “veel stokslagen geven”. Jezus waarschuwt hen: “zo houdt ge de poort van het Rijk der Hemelen voor hen gesloten. Ge laat hen niet binnengaan maar gij gaat er evenmin binnen!”. De paus hekelde dezelfde houding bij sommige christenen vandaag: “Het volk van God voelt zich zo dikwijls niet aanvaard door degenen die moeten getuigenis afleggen: christen leken, priesters, bisschoppen”.

De eerste lezing (1 Sam. 1,9-20) stelt de figuur van Eli voor, een “zwak” en “lauw” priester. Wanneer hij Hanna ziet, een nederige vrouw, die in alle eenvoud maar uit de grond van haar hart, in haar benauwenis tot God bidt om het wonder haar een zoon te geven, minacht hij haar met de houding van een “leider in het geloof” zodanig dat hij denkt dat zij “dronken” is. Doch “in zijn hart, droeg hij de zalving nog”, al was zij “verborgen in zijn binnenste” en wanneer de vrouw hem haar toestand uitlegt, antwoordt hij: “Ga dan in vrede en de God van Israël moge u geven wat ge van Hem hebt afgesmeekt”.

De zonen van Eli over wie de eerste lezing niet spreekt, “waren priesters, doch ook boeven” die “macht zochten” en “geld”; “de Heer straft hen streng”. Zij zijn zoals hedendaagse christenen met een “verdorven hart”, bereid tot ontrouw.

De vierde soort gelovige, de enige om na te volgen, is Jezus die “met gezag” pleit voor “de macht van de heiligheid”. In feite “is die leer niet nieuw maar nieuw is de manier waarop: evangelische transparantie”. Christus « brengt God dicht bij de mensen en daarom komt Hij zelf dichtbij ; over theologie spreekt Hij met de Samaritaanse, die geen engel was”, Hij “komt dicht bij het gewonde hart van de mensen”, Zijn manier is zodanig dat de mensen “Hem zoeken en Hij is getroffen wanneer Hij hen ziet als schapen zonder herder”.

De paus besluit met een gebed: “Vragen wij de Heer dat deze twee lezingen ons allen helpen in ons leven als christen. Ieder op zijn plaats. Geen puur legalisme, noch hypocrisie, zoals bij de schriftgeleerden en farizeeën. Niet verdorven zoals de zonen van Eli. Niet lauw zoals Eli. Maar zijn zoals Jezus, gedreven om mensen op te zoeken, hen te genezen, hen lief te hebben”.

Vert. Maranatha-gemeenschap