2014-02-07 (vr 4 dhj) Paus Franciscus, Het Evangelie wordt nederig verkondigd, zonder daarbij voordeel te zoeken

 

Rome (ZENIT.org)

De paus gaf commentaar bij het Evangelie over het martelaarschap van de heilige Johannes de Doper en zei dat een ware volgeling van Christus de weg van de nederigheid volgt, zoals hij, zonder zich de profetie aan te matigen, aldus de verslaggeving van Radio Vaticaan.


De paus stelde op het einde van zijn overweging dit gewetensonderzoek voor: “Het zal ons goed doen ons vandaag vragen te stellen over onze manier van leerling zijn: verkondigen wij Jezus Christus? Halen wij voordeel uit ons christen zijn als ware het een voorrecht? Johannes heeft niet de hand gelegd op de profetie. Derde vraag: bewandelen wij de weg van Jezus Christus? De weg van vernedering, nederigheid, verlaging omwille van de dienstbaarheid? En als wij bevinden dat we op dat punt niet zeer stevig staan, stellen wij ons dan de vraag: van wanneer dateert mijn ontmoeting met Jezus Christus, de ontmoeting die mij met vreugde vervulde? Op deze ontmoeting terugkomen, terugkomen op dit eerste Galilea van onze ontmoeting. We hebben er allemaal één! Ernaar terugkeren! De Heer opnieuw ontmoeten en voortgaan op deze zo mooie weg waarop Hij groter en wij kleiner moeten worden ».

 

De paus brengt de geschiedenis in herinnering: Herodes laat Johannes de Doper doden om zijn minnares Herodiade tevreden te stellen, en te voldoen aan de gril van haar dochter. Johannes de Doper is “iemand met een kort leven, een korte tijd om het woord Gods te verkondigen”. Een man “door God gezonden om de weg voor Zijn Zoon te bereiden”. En het leven van Johannes de Doper liep slecht af, aan het hof van Herodes die “een maaltijd aanrichtte”: “aan het hof is alles toegelaten: corruptie, ondeugden, misdaden. Hoven bevorderen dit soort dingen. Wat had Johannes gedaan? Vooreerst, de Heer verkondigen. Hij had verkondigd dat de Redder, de Heer nabij was, dat het Rijk Gods nabij was. En hij deed dat krachtdadig. En hij doopte. Hij riep iedereen op zich te bekeren. Hij was een sterk man. En hij verkondigde Jezus Christus », vervolgde de paus.

« Het eerste dat Johannes deed, was groot, namelijk Jezus Christus verkondigen » en “hij eigende zich zijn moreel gezag niet toe”. De paus legt uit dat hij “de mogelijkheid had te zeggen ‘ik ben de Messias’ omdat hij een groot moreel gezag had”, “iedereen ging naar hem” en Johannes zei tot iedereen zich te bekeren, en de farizeeën, de wetgeleerden zagen zijn sterkte: “hij was een rechtschapen man”.

Zij vroegen hem dus of hij de Messias was. En op “het ogenblik van de bekoring, van de ijdelheid”, was hij duidelijk: “Nee, dat ben ik niet! Na mij komt iemand die sterker is dan ik. Ik ben niet waardig de riemen van zijn sandalen los te maken ». Johannes “was duidelijk”, benadrukt de paus, “hij heeft zijn titel niet geroofd”. Hij heeft niet de hand gelegd op het beroep. En dat is dus “het tweede dat hij deed, hij die een “man van de waarheid” was: “de waardigheid niet roven”.

Het derde dat Johannes deed, is “Christus navolgen”. Zelfs Herodes die hem doodde, “geloofde dat Jezus Johannes was”. Johannes is Jezus “vooral” nagevolgd “op de weg van de verlaging”: “Johannes heeft zich vernederd, hij heeft zich ten einde toe verlaagd, tot de dood”. Tot en met “dezelfde stijl van dood, beschamend: Jezus als een rover, een dief, een misdadiger, op het kruis”.

“Een vernederend sterven”, vervolgde de paus. Ook Johannes had zijn “hof van olijven”, zijn angsten in de gevangenis, toen hij dacht zich vergist te hebben en hij zijn leerlingen naar Jezus zond met de vraag: zeg mij, zijt Gij het of heb ik mij vergist en is er een andere? De duisternis van de ziel, deze duisternis die zuivert, zoals bij Jezus in de hof van olijven. En Jezus antwoordde Johannes, zoals de Vader Jezus antwoordde door Hem te bemoedigen. De duisternis van de man Gods, de vrouw Gods. Ik denk op dit moment aan de duisternis in de ziel van de zalige Theresa van Calcutta. De vrouw die door heel de wereld werd geloofd, de Nobelprijswinnares! Maar zij wist dat er in een periode van haar leven, van binnen alleen maar duisternis geweest is”.

“Als verkondiger van Jezus Christus”, “legt” Johannes “niet de hand op de profetie, hij is het beeld van de leerling”. Maar de paus vroeg zich af, “wat is de bron van die houding als leerling?”. Een ontmoeting. Het Evangelie spreekt ons over de ontmoeting tussen Maria en Elizabeth toen Johannes in de schoot van Elizabeth van vreugde was opgesprongen. Zij waren neven. “Misschien hebben zij elkaar nadien enkele keren ontmoet. Deze ontmoeting heeft het hart van Johannes met vreugde, met grote vreugde vervuld en omgevormd tot het hart van een leerling”. Johannes is “de man die Jezus Christus verkondigt, die niet Zijn plaats inneemt en die Zijn weg volgt”.

 

Vert. Maranatha-gemeenschap